Vliegende keeper
Schieten
makkelijk
Om de beurt dribbel je het vak in en schiet je op twee kleine doeltjes, met een keeper ervoor.
Wat heb je nodig
5 ballen, 2 kleine doeltjes, 6 hoedjes, 1 hesje voor de keeper
Zo doe je het
-
1
Zet twee kleine doeltjes neer met een keeper ervoor. De rest staat in een rijtje.
-
2
Dribbel het vak in en stop voor het einde.
-
3
Schiet op een van de doeltjes — meteen, of leg de bal eerst stil.
-
4
Haal je bal op, loop buitenom terug en sluit weer aan.
Te moeilijk?
Zet de doeltjes dichterbij.
Zet er een derde doeltje tussen.
Te makkelijk?
Zet de doeltjes verder weg.
Speel met twee keepers, elk voor één doeltje.
Waar let je op
- Elke minuut een nieuwe keeper; keepen is op deze leeftijd een beloning, geen straf.
- De keeper mag alles gebruiken — ook zijn hele lijf.